Zeke Hausfather schatte het elektriciteitsverbruik van zijn eigen Claude Code-gebruik over acht weken op 170 kWh. Zijn methodologische bandbreedte liep van 70 tot 330 kWh. De cijfers beschrijven zijn werklast: 1.138 getypte prompts leidden samen tot meer dan 14.000 modelaanroepen en 3,2 miljard verwerkte tokens.

Wat Hausfather in acht weken schatte

Hausfather publiceerde zijn analyse op 5 augustus 2026. Gemiddeld kwam zijn gebruik volgens zijn berekening uit op ongeveer 3 kWh per dag, met een bandbreedte van 1,2 tot 5,9 kWh. Op zijn zwaarste gemeten dag liep de schatting op tot ongeveer 11 kWh.

De totale schatting van 170 kWh gedeeld door 1.138 getypte prompts komt neer op ongeveer 150 Wh per prompt. Dat is het gemiddelde binnen Hausfathers werklast, geen vaste waarde voor elke Claude Code-prompt.

Waarom één prompt meerdere modelaanroepen kan starten

De uitleg van Claude Code beschrijft de cyclus van context verzamelen, acties uitvoeren en resultaten controleren.

Claude Code kan voor één opdracht context verzamelen, acties uitvoeren, tools gebruiken en het resultaat controleren. Elke stap kan opnieuw een modelaanroep vereisen. Daardoor vertelt het aantal prompts op zichzelf niet hoeveel verwerking een opdracht vraagt.

Wat de cijfers zeggen over de werklast

De 1.138 prompts in Hausfathers dataset gingen gepaard met meer dan 14.000 modelaanroepen en 3,2 miljard tokens. Het herlezen van context uit de cache vormde ongeveer 96% van de tokens en, volgens de centrale aanname, ongeveer 66% van het geschatte elektriciteitsverbruik.

De omzetting van tokenaantallen naar stroomverbruik hangt onder meer af van de verwerking van cachelezingen, hardware-efficiëntie, modelkeuze en het gebruik van datacenters. Hausfather verwerkte die factoren in zijn berekening; verschillende methoden en aannames verklaren de bandbreedte van 70 tot 330 kWh.

Hoe modelkeuze de schatting beïnvloedt

Voor eenvoudige taken schatte Hausfather het energieverbruik per token bij kleinere modellen op ongeveer een vijfde tot een zevende van dat bij frontiermodellen. Die verhouding hoort bij eenvoudige taken en is een schatting, geen universele verhouding voor iedere opdracht.