TecLab heeft voedingskabels rechtstreeks op de printplaat van een Galax HOF OC LAB XOC RTX 5090D gesoldeerd, nadat beide fabrieksmatige 16-pinsconnectoren waren omzeild. De aangepaste kaart startte op en draaide benchmarks. Dat is opvallend — maar het is geen goedgekeurde reparatie en zegt vrijwel niets over veilige werking op lange termijn.
De demonstratie werd op 26 augustus 2026 gepubliceerd door het Braziliaanse overclockingteam TecLab. De video toont de fysieke modificatie, het opstarten van de kaart en het draaien van benchmarksoftware. Tom’s Hardware berichtte op 30 augustus over de test en de gemeten vermogenswaarden.
De gesoldeerde RTX 5090D
Wat werd er precies aangepast? TecLab bevestigde met de demonstratie dat voedingsdraden rechtstreeks werden verbonden met delen van de PCB die aan de oorspronkelijke connectorbanen gekoppeld zijn. De afneembare aansluiting verdween daarmee uit het directe voedingspad. Het ging niet om een doorsnee RTX 5090, maar om een gespecialiseerde Galax HOF OC LAB XOC RTX 5090D met twee 16-pinsconnectoren. Standaard RTX 5090-uitvoeringen gebruiken doorgaans één connector.
Tom’s Hardware meldde dat twee adapters de gewone 16-pinskabels van de voeding naar losse draden omzetten. Die draden werden vervolgens op de printplaat aangesloten. De close-up hieronder laat de kabels, soldeerverbindingen en aangrenzende connectorbehuizingen zien. Dat is nuttig visueel bewijs van de ingreep, maar geen bewijs dat de verbinding technisch veilig is.
De kern van het experiment laat zich zo samenvatten:
| Configuratie | Connectoren | Voedingspad | Testomstandigheden |
| Standaard RTX 5090 | Doorgaans één fabrieksmatige 16-pinsconnector | Via de normale connector en kabels | De normale retailkoeling is in deze test niet geëvalueerd |
| Galax HOF RTX 5090D | Twee fabrieksmatige 16-pinsconnectoren | Oorspronkelijk via beide connectoren | Gespecialiseerd model voor extreem overklokken |
| TecLab-experiment | Connectoren omzeild | Kabels rechtstreeks op PCB-banen gesoldeerd | Stockkoeler verwijderd; industriële vloeistofkoeler en twee ventilatoren van 120 mm |
De bijbehorende diagramvisualisatie maakt het verschil in voedingspad inzichtelijk; ze is geen bouwinstructie.
Wat de test wel en niet bewijst
De kaart werkte na de ingreep. Dat is bevestigd in de TecLab-video: de RTX 5090D startte op en draaide benchmarksoftware. Tom’s Hardware rapporteerde daarnaast ongeveer 600 W verbruik, gebaseerd op een meting van ongeveer 50 A op de 12V-rail. Die cijfers zijn afkomstig uit de berichtgeving over de test en zijn niet onafhankelijk gereproduceerd in het aangeleverde materiaal.
Ook de vermogensmogelijkheden van het HOF-model moeten in de juiste context blijven. Tom’s Hardware rapporteerde dat de overklok-BIOS van deze gespecialiseerde kaart configuraties tot 2.000 W zou ondersteunen. Dat is een gerapporteerde mogelijkheid, geen onafhankelijk geverifieerde specificatie in deze bewijsset. Het getal mag bovendien niet worden verward met het gemelde verbruik van ongeveer 600 W tijdens deze demonstratie.
| Cijfer | Waarde | Wat het voorstelt | Beperking |
| Gemeten vermogen | Ongeveer 600 W | Gerapporteerd verbruik van de aangepaste RTX 5090D | Eén specialistisch verslag; geen onafhankelijke herhaling |
| Stroom op de 12V-rail | Ongeveer 50 A | Gerapporteerde meterwaarde tijdens de test | Geen volledige onafhankelijke elektrische analyse |
| TDP van een standaard RTX 5090 | 575 W | Gerapporteerde vergelijkingswaarde | Niet hetzelfde model als de geteste HOF RTX 5090D |
| Mogelijkheid van HOF-overklok-BIOS | Tot 2.000 W | Gerapporteerde capaciteit van het extreme model | Onafhankelijke verificatie ontbreekt |
De omstandigheden waren allesbehalve normaal. De standaardheatsink en ventilatoren waren verwijderd. Volgens Tom’s Hardware werd een industriële vloeistofkoeler gebruikt, samen met twee los bevestigde ventilatoren van 120 mm. In een ander verslag wordt de koeling anders omschreven; de exacte koelvloeistof is daarom niet volledig opgehelderd in het aangeleverde materiaal.
Waarom de connector het echte verhaal is
De modificatie is ontstaan uit aanhoudende zorgen over oververhitting of smeltende 16-pins GPU-connectoren. In deze discussie komen de termen 12VHPWR en 12V-2x6 voor: beide verwijzen naar hoogstroomaansluitingen die in de context van moderne krachtige GPU’s worden besproken. Een connector die uit de stroomroute wordt gehaald, lijkt op het eerste gezicht een elegante manier om een mogelijk contactprobleem te vermijden. Maar daarmee verdwijnen andere problemen niet.
De beschikbare bronnen bewijzen niet dat elke RTX 5090-connector zal smelten, en ze leveren ook geen betrouwbaar algemeen faalpercentage. Ze tonen evenmin aan dat rechtstreeks solderen veiliger is dan de fabrieksoplossing. De oorzaak van een probleem kan bovendien niet alleen aan de kant van de GPU liggen; ook kabels, connectorcontacten en de voeding spelen een rol in de stroomverdeling.
Een werkende boot is geen veiligheidscertificaat
Nee: deze demonstratie bewijst niet dat de modificatie veilig is. Ze bewijst dat één aangepaste kaart onder specifieke omstandigheden kortstondig kon werken. Er zijn geen gecontroleerde gegevens over langdurige belasting, temperatuurcycli, de duurzaamheid van de soldeerverbindingen of een vergelijking met de originele connector.
Ook voor de soldeerpunten zelf is geen gevalideerde temperatuurmeting aangeleverd. De gerapporteerde 600 W en 50 A vertellen iets over het elektrische moment van de test, maar niet over de thermische belasting van elke verbinding. Een kabel die mechanisch aan een printplaat trekt, blootliggende geleiders en een mogelijk slecht ondersteunde soldeerverbinding maken de situatie bovendien kwetsbaar voor kortsluiting en fysieke schade.
In online hardwaregemeenschappen werd precies daar kritiek op geleverd. Sommige reageerders vonden het zichtbare soldeerwerk onvoldoende voor hoge stromen; anderen merkten op dat een vaste verbinding in theorie aantrekkelijker kan lijken dan een kunststofconnector. Dat zijn meningen van communityleden, geen gecontroleerde engineeringtests. De scepsis over de korte demonstratieduur is daarom terecht als beperking, niet als zelfstandig bewijs van een defect.
Waarom je dit niet moet nabouwen
Gewone RTX 5090-bezitters moeten deze modificatie niet proberen. VideoCardz beschreef de ingreep als onpraktisch voor normale gebruikers en wees op mogelijke gevolgen voor de garantie. Daarnaast ontstaan er risico’s door blootliggende geleiders, kortsluiting, mechanische spanning, temperatuurwisselingen en het verlies van normale servicebaarheid.
De veilige conclusie is dus niet dat de fabrieksconnector gegarandeerd probleemloos is, maar evenmin dat rechtstreeks solderen een consumentenoplossing vormt. Gebruik voor een normale kaart de door de fabrikant bedoelde voedingsmethode en compatibele voedingsapparatuur. Wie een connectorprobleem vermoedt, doet er beter aan het systeem uit te schakelen en ondersteuning of garantie te raadplegen dan zelf op de PCB te gaan solderen.
Ronaldo van TecLab vatte de provocerende boodschap van het experiment als volgt samen — vertaald uit het Portugees:
“Nvidia, leer hiervan en zet er een echte connector op, zodat er geen klachten meer zijn.” — Ronaldo, TecLab
De uitspraak is kritiek op het connectorontwerp, geen technische certificering van de bypass.
De nuchtere conclusie
TecLab heeft aantoonbaar laten zien dat een speciale Galax HOF RTX 5090D zonder zijn oorspronkelijke 16-pinsconnectoren kan opstarten en benchmarks kan draaien nadat voedingskabels rechtstreeks op de PCB zijn gesoldeerd. De gerapporteerde test kwam uit op ongeveer 600 W en 50 A, onder uitzonderlijke koelomstandigheden.
Meer dan dat kunnen we er niet verantwoord van maken. Het experiment is een spectaculair moddingstatement en een zichtbaar protest tegen zorgen rond hoogstroomconnectoren. Het is geen reparatiehandleiding, geen bewijs van langdurige betrouwbaarheid en geen advies voor je eigen RTX 5090.