Sarah Heck, hoofd public policy bij Anthropic, zei op 16 september 2026 dat bedrijven die geavanceerde AI bouwen hun eigen veiligheid niet als enige moeten beoordelen. Anthropic steunt een rol voor de Amerikaanse overheid en onafhankelijke evaluatoren, maar onderschreef niet direct elke specifieke verplichting uit de FRONTIER Act. Daarmee verschuift het debat van de vraag óf AI-bedrijven veiligheidsregels nodig hebben naar de vraag wie controleert of die regels werken.
Wat Sarah Heck precies verdedigde
Heck bepleitte samenwerking met de Amerikaanse overheid aan een passend regelgevingskader voor geavanceerde AI. Volgens haar volstaan vrijwillige toezeggingen van bedrijven niet wanneer dezelfde bedrijven ook zelf hun veiligheidsmaatregelen beoordelen.
Anthropic steunt onafhankelijke evaluaties in principe. Dat betekent niet dat het bedrijf automatisch alle onderdelen van H.R. 9925, de FRONTIER Act, onderschrijft. Heck sprak wel steun uit voor externe controle, maar stemde niet direct in met de specifieke verplichting in het wetsvoorstel om bepaalde ontwikkelaars een externe evaluator te laten inschakelen.
De inzet is dus geen simpel kamp van “voor regulering” tegenover “tegen regulering”. Het gaat om drie concrete keuzes: hoeveel zeggenschap de overheid krijgt, wie veiligheidsrisico’s beoordeelt en of bedrijven hun ontwikkeling gezamenlijk moeten vertragen.
Wat staat er in de FRONTIER Act?
H.R. 9925, de FRONTIER Act, werd op 23 juli 2026 ingediend door parlementslid Jay Obernolte en naar commissies van het Huis van Afgevaardigden verwezen. Het voorstel is geen geldende wet. Als het wordt aangenomen, zou het verschillende verplichtingen opleggen aan grote ontwikkelaars van frontiermodellen — AI-modellen die volgens het voorstel met meer dan 10²⁶ gehele of zwevende-kommaoperaties zijn getraind.
De voorgestelde regels omvatten:
- een openbaar kader waarin ontwikkelaars hun risicodrempels, veiligheidstests, beslissingen over inzet, cybersecurity, incidenten en bestuur beschrijven;
- een jaarlijkse onafhankelijke nalevingsaudit voor grote ontwikkelaars;
- terugkerende beoordelingen door erkende onafhankelijke verificatieorganisaties voor zeer grote ontwikkelaars;
- meldingen van kritieke veiligheidsincidenten, doorgaans binnen 72 uur nadat de ontwikkelaar voldoende feiten heeft om redelijkerwijs aan te nemen dat zo’n incident heeft plaatsgevonden;
- tijdelijke noodbevoegdheden voor de Secretary of Commerce bij een schriftelijk vastgestelde dreiging van een onmiddellijke catastrofale schade.
De drempels zijn eveneens onderdeel van het voorstel. Een grote ontwikkelaar zou meer dan 50 miljoen dollar omzet en minstens 1 miljard dollar aan AI-gerelateerde ontwikkelingsuitgaven in de voorafgaande 36 maanden moeten hebben. Voor een zeer grote ontwikkelaar noemt de tekst meer dan 5 miljard dollar omzet en minstens 10 miljard dollar aan AI-gerelateerde ontwikkelingsuitgaven over diezelfde periode.
Twee modellen voor AI-veiligheid
De tegenstelling tussen Anthropic en Meta draait vooral om de vraag of bedrijfsinterne veiligheidsprocessen voldoende zijn of dat er structurele controle van buitenaf nodig is.
| Beleidsvraag | Anthropic | Meta |
| Wie beoordeelt de veiligheid? | Overheid en onafhankelijke externe evaluatoren moeten naast bedrijven een rol spelen. | Elk laboratorium draagt zelf verantwoordelijkheid voor de veiligheid van zijn modellen. |
| Moet de ontwikkeling gezamenlijk vertragen? | Dario Amodei stelde een voorzichtiger tempo en bredere coördinatie voor, zodat veiligheidsmaatregelen kunnen bijblijven. | Mark Zuckerberg wees een gecoördineerde vertraging voor de hele sector af. |
| Hoe ver reikt de wetgeving? | Anthropic wil met wetgevers aan een passend kader werken en steunt externe evaluatie in principe. | Een steunbetuiging van Meta aan de FRONTIER Act volgt niet uit de beschikbare positie van het bedrijf. |
Zuckerberg stelde dat elk AI-laboratorium zelf op het tempo kan handelen dat nodig is om modellen veilig te trainen. Meta verwees daarbij ook naar eigen beslissingen rond veiligheid en beveiliging, waaronder het uitstellen van de release van de Muse AI-agent.
Het verschil is belangrijk. Bij het model van Anthropic wordt veiligheid niet uitsluitend een interne bedrijfsfunctie. Bij het model dat Zuckerberg verdedigt, blijven verantwoordelijkheid en tempo in de eerste plaats bij elk afzonderlijk laboratorium.
De rol van Dario Amodei
De opmerkingen van Sarah Heck volgden op een voorstel van Anthropic-topman Dario Amodei van 12 september 2026. Amodei pleitte voor een lager tempo bij de ontwikkeling van frontiermodellen, toegang voor externe evaluatoren en samenwerking tussen democratische landen. Hij koppelde dat aan de mogelijkheid dat veiligheidsmaatregelen anders geen gelijke tred houden met de ontwikkeling van de modellen.
In een interview beschreef Amodei overheidstoezicht en een vorm van gezamenlijke governance als een langetermijnrichting. Hij presenteerde dat niet als een overdracht van Anthropic aan de overheid, maar als publieke en democratische betrokkenheid bij het toezicht op krachtige AI-systemen.
De sector spreekt daarmee niet met één stem. Terwijl Anthropic meer externe en publieke controle bepleit, verzet Meta zich tegen een gezamenlijke vertraging van de ontwikkeling. De discussie over AI-veiligheid gaat voorlopig dus niet over één akkoord of één uniforme industriestandaard, maar over verschillende modellen voor toezicht, verantwoordelijkheid en tempo.