De Formlabs Form Studio 1 voltooide volgens Matt Farmer drie uiteenlopende printklussen, maar hars van derden vraagt geen kant-en-klare workflow: je moet geschikte hars van 405 nm handmatig vullen en de instellingen zelf afstellen. De printer past daardoor vooral bij makers die de materiaalvoorwaarden en de extra nabewerking willen meenemen in hun werkwijze.
Drie printklussen, drie specifieke resultaten
In een review die Matt Farmer op 15 oktober 2026 publiceerde, meldde de reviewer van Tom’s Hardware dat alle drie zijn printklussen zonder mislukte print werden afgerond. De modellen, harsen en instellingen verschilden per klus, dus de tijden vormen geen onderlinge snelheidstest. Tom’s Hardware
| Printklus | Hars | Verbruik | Printtijd | Laaghoogte |
| Diablo III Crusader Johanna with Shield | Alpha Grey V1 | 264 ml | 10 uur 56 min | 0,05 mm |
| Headless Horseman | Alpha Grey V1 | 224 ml | 7 uur 58 min | 0,05 mm |
| Soccer stress ball en airless tennis ball | Flexible 80A V2 Black | 153 ml samen | 7 uur 53 min samen | 0,050 mm |
De cijfers geven een beeld van drie concrete opdrachten, niet van een vaste printduur voor een bepaald type model. Bij de flexibele hars paste Farmer de supports handmatig aan, omdat PreForm volgens hem rond de openingen te veel supports voorstelde.
Hars van derden vraagt handmatige stappen
Formlabs’ Open Material Mode ondersteunt hars van derden met een golflengte van 405 nm. De automatische harsdosering is in deze modus uitgeschakeld: je giet de hars zelf in en stelt de printinstellingen zelf af. Voor de meeste harsen van derden schrijft Formlabs de Resin Tank Pro voor. De productspecificaties en materiaalvoorwaarden van Formlabs waarschuwen bovendien dat incompatibele hars de folie van de standaardtank snel kan aantasten, met lekkage en schade aan de printer als mogelijke gevolgen. De tankfolie kan niet worden vervangen.
Dat maakt de keuze van hars ook een keuze van tank en werkwijze. Wie bij materialen met door Formlabs gevalideerde instellingen blijft, kan de handmatige afstelling voor hars van derden vermijden; wie andere hars wil gebruiken, moet de golflengte en tankvereisten vooraf meenemen.
Form Studio 1 tegenover Form 4
Formlabs vermeldt voor beide printers een bouwvlak van 200 × 125 mm. De Form Studio 1 biedt meer hoogte in de Z-richting; Form 4 heeft een grotere catalogus van vermelde Formlabs-materialen en een hogere lichtintensiteit op het printvlak.
| Kenmerk | Form Studio 1 | Form 4 |
| Bouwvolume | 200 × 125 × 235 mm; 5,9 l | 200 × 125 × 210 mm; 5,25 l |
| Pixelgrootte | 35 μm | 50 μm |
| Lichtintensiteit op het printvlak | 6 mW/cm² | 16 mW/cm² |
| Vermelde Formlabs-materialen met gevalideerde instellingen | 9 | 23 |
De extra hoogte van 25 mm bij de Form Studio 1 kan van belang zijn voor onderdelen die hoger zijn dan breed. De 23 vermelde materialen van Form 4 tegenover 9 voor de Form Studio 1 maken Form 4 aantrekkelijker als je een bredere keuze uit Formlabs-materialen met gevalideerde instellingen nodig hebt. De pixelgrootte is een afzonderlijke specificatie; de tabel maakt daar geen algemene uitspraak over printkwaliteit van.
Van PreForm tot nabewerking
De Form Studio 1 gebruikt PreForm, de eigen printvoorbereidingssoftware van Formlabs. Volgens Formlabs werkt de printer niet met slicers van derden. Farmer beschreef de machine in zijn reviewexemplaar als grotendeels voorgemonteerd en waterpas geleverd: na het verwijderen van het verpakkingsmateriaal hoefde hij de bouwplaat te monteren.
Een print is ook niet klaar zodra hij uit de printer komt. Tom’s Hardware beschrijft wassen en UV-uitharden als noodzakelijke nabewerking; bij de flexibele modellen verwijderde Farmer de supports vóór het uitharden. Voor het hanteren van ongeharde hars en reinigingsmiddelen raadde hij handschoenen, een veiligheidsbril en een goed geventileerde ruimte aan.