Bij schone kernelbuilds op een Framework Laptop 13 Pro was Linux 7.4-rc1 met x86_64 defconfig ongeveer 5% sneller dan Linux 7.3. Met allmodconfig verliep de build juist iets trager. Dat meldde Phoronix op 5 november 2026, na een vergelijking op een systeem met een Intel Core Ultra X9 388H uit de Panther Lake-serie.
De uitkomst verschilde per buildconfiguratie
| Configuratie | Linux 7.4-rc1 tegenover Linux 7.3 | Buildtype |
x86_64 defconfig | Ongeveer 5% sneller | Schone build |
allmodconfig | Iets trager | Schone build |
Een compileercijfer krijgt pas betekenis met de buildconfiguratie en het buildtype erbij.
De test betrof schone kernelbuilds
Phoronix vergeleek Linux 7.3 met Linux 7.4-rc1 op een Framework Laptop 13 Pro met een Intel Core Ultra X9 388H Panther Lake-SoC. De resultaten gelden voor de twee geteste configuraties op dat systeem. De vergelijking betrof schone builds, niet incrementele builds of zogeheten no-op-builds, waarbij er niets opnieuw hoeft te worden gecompileerd.
Een eerdere NeoTeo-test van Linux 7.3 op Panther Lake onderzocht opslag-, netwerk- en processorprestaties. De nieuwe vergelijking draait om een andere werklast: het bouwen van de Linux-kernel.
Eerdere percentages hoorden bij andere builds
Een aparte, eerdere patchseriesgrafiek van Phoronix vermeldde 36% snellere allmodconfig-builds, ongeveer 70% snellere incrementele builds en ongeveer 90% snellere no-op-builds. Die cijfers betreffen die patchreeks en die buildtypen; de latere vergelijking tussen Linux 7.3 en Linux 7.4-rc1 ging over schone builds.
De grotere broncodeboom geeft context
Phoronix noemde ongeveer 500.000 extra regels in de Linux 7.4-broncode, waarvan niet alle regels relevant zijn voor x86_64. De publicatie plaatste de extra drivers en code als context bij de lichte vertraging van allmodconfig.