Het eerste keer dat we over The Machine spraken, was in juni 2014. Het plan van Hewlett-Packard was om een nieuw type server te creëren, gebaseerd op memristors en fotonische technologie, achtduizend keer krachtiger dan een conventioneel platform. De herstructurering van HP in november 2015 dwong om verschillende aspecten van het systeem aan te passen, maar de Enterprise-divisie is erin geslaagd hun prototype af te ronden, wat lijkt te bevestigen dat de toekomst van servers niet wordt aangedreven door processoren, maar door niet-vluchtig geheugen.
Gebruikers genereren steeds meer gegevens, en 'de cloud' moet daarop reageren. Misschien is het nog niet gepast om over een 'gebrek aan capaciteit' te spreken, maar het is duidelijk dat de traditionele infrastructuur van het web enigszins kraakt. Veel bedrijven praten over 'het paradigma veranderen', een magische zin om een revolutionaire technologische sprong te beschrijven, maar de vooruitgang is traag. Een van de projecten met het meeste potentieel is The Machine, onder leiding van Hewlett-Packard Enterprise, een van de helften die voortkwam uit de 'klassieke' HP na de formele splitsing in november 2015. HPE presenteerde eindelijk het prototype een paar dagen geleden, en hoewel alles erop wijst dat The Machine niet als individueel product op de markt zal komen, is het echt de technologie erin die ons interesseert.
https://www.youtube.com/embed/2VG59FYkPdMVerreweg het meest indrukwekkende aspect van The Machine is de hoeveelheid geïnstalleerd geheugen. De 8 terabyte (die verschillende portals rapporteren als DRAM, maar in werkelijkheid NAND Flash is) zijn gemiddeld dertig keer meer geheugen dan we in een typische server aantreffen, en zo'n hoeveelheid weerspiegelt de architecturale veranderingen die HPE heeft doorgevoerd: alles draait om geheugen, en de capaciteit om de inhoud ervan op hoge snelheid te verwerken. Op dat punt komt de fotonische technologie te hulp, met de hulp van de X1-module. Dit kleine duiveltje kan tot 1,2 terabit per seconde overbrengen over een afstand van dertig meter, en als we daarbij de mogelijkheid optellen om honderden terabytes aan niet-vluchtig geheugen te integreren, spreken we over een platform dat 8.000 keer sneller is dan traditionele architecturen in commerciële omgevingen.
Waarom zitten er geen memristors in het prototype? Het antwoord is simpel: ze zijn nog niet klaar. Sterker nog, ze hebben nog een flinke ontwikkeltijd voor de boeg, ervan uitgaande dat ze ooit een commercieel profiel kunnen bereiken. Toch is HPE van plan om vóór 2019 zijn eigen niet-vluchtige geheugen op de markt te brengen, met een prestatie die op gelijk niveau zou moeten liggen met normale DRAM, zonder retentie op te offeren. De boodschap van HPE en The Machine is eenvoudig: onze afhankelijkheid van processoren loslaten, architecturen van meer dan zes decennia oud achter ons laten, koperen sporen vervangen en een visie omarmen die gericht is op geheugen en licht.