Angststoornissen treffen miljoenen mensen. Ze verpesten hun dagelijkse activiteiten, hun plannen, hun dromen en hoop. Iemand met angst vragen “om te kalmeren” of “het te overwinnen” is een duidelijk voorbeeld van het gebrek aan informatie dat met deze aandoening gepaard gaat, en alsof dat nog niet genoeg is, zijn er ook fysieke gevolgen...
De impact van angst brengt een groot aantal symptomen met zich mee, variërend van verlies van productiviteit en concentratie tot slaapgebrek, met daarnaast drastische stemmingswisselingen, constante vermoeidheid en spierspanning. In bepaalde gevallen kan angst leiden tot paniekaanvallen, hartritmestoornissen, ademhalingsproblemen en duizeligheid.
De biologische oorsprong van angst
Nu, waar komen die aanvallen vandaan? Gezondheidsdeskundigen weten het niet helemaal, maar ze hebben vastgesteld dat angst (deels) wordt geactiveerd door de amygdala en de hypothalamus die de circulatie van adrenaline en cortisol in het lichaam controleren. Deze hormonale verandering lijkt genetische verbanden te hebben, want er wordt geschat dat 40 procent van de mensen met een gegeneraliseerde angststoornis een familielid heeft met dezelfde aandoening.
Daar moeten we de omgevingsfactor aan toevoegen, waaronder traumatische ervaringen in de kindertijd. Onregelmatige niveaus van dopamine, serotonine en gamma-aminoboterzuur zijn ook in verband gebracht met angstaanvallen. Het geval van serotonine is bijzonder interessant: alle serotonine die niet wordt gebruikt tijdens de signaaloverdracht keert terug naar de oorspronkelijke neuron met behulp van speciale transporters, maar mensen met angststoornissen zoals OCS zouden een grotere terugkeer van serotonine kunnen ervaren voordat het zijn bestemming bereikt, veroorzaakt door een mutatie in de transporters. Dit beïnvloedt het functioneren van de synapsen, en daarmee ook de emoties van het individu. Dat is wanneer de selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI's) ingrijpen, die de terugkeer van serotonine naar de neuron reguleren.
Andere stoornissen tonen een overmatige activiteit in de amygdala en het gebied van de centrale grijze stof, met ernstigere negatieve gevolgen voor het lichaam, waaronder hartziekten, door een toename van de productie van witte bloedcellen in het beenmerg, die op zijn beurt een ontstekingsreactie op gang brengt, en de ophoping van vetafzettingen in de slagaders.
De rol van fobieën en DNA
Ten slotte suggereert de sterkste hypothese voor fobieën dat ze geprogrammeerd in ons DNA zouden kunnen zijn. Dit is slechts een “basis” overzicht van de effecten en mogelijke oorzaken van angst, wat de complexiteit ervan aantoont. Als je denkt dat angst je leven verpest, twijfel dan niet: Zoek de hulp van een professional.