Model Context Protocol (MCP) gaf een nieuwe Claude Code-sessie toegang tot versiegebonden afhankelijkheidsgegevens: in een door The New Stack beschreven Bit Cloud-test vond de sessie zo een gedeelde ticketentiteit en de relatie met een app en service. De auteur, die bij Bit Cloud werkte, meldde dat broncode-inspectie en tests daarna nog nodig waren om de wijziging uit te voeren en te beoordelen (The New Stack).

Wat MCP een nieuwe sessie liet vinden

De sessie begon zonder lokale code of gesprekshistorie. Met de MCP-aanroepen read_scope en daarna read_components haalde Claude Code informatie op over vier onderdelen: een React-app, een Express-service met MongoDB, een gedeelde ticketentiteit en een gateway. De app en service gebruikten dezelfde versie van de ticketentiteit.

De vier onderdelen hadden volgens het verslag afhankelijkheden met 16 bestaande componenten, waarvan er tien bij Bit Design Sparks hoorden. Omdat de afhankelijkheidsgegevens aan componentversies waren gekoppeld, kon de sessie de gedeelde ticketentiteit terugvinden zonder eerdere gesprekken of lokale broncode. Dat is een concreet nut van MCP: informatie uit een extern systeem beschikbaar maken wanneer de werksessie die nodig heeft.

De auteur meldde ook dat Claude de vier componenten importeerde, de broncode inspecteerde en vervolgens in de app filters op ticketstatus en toegewezen medewerker toevoegde. De wijziging bleef aan de clientzijde; de entiteit en de service werden niet aangepast.

MCP biedt zo toegang tot externe diensten en tools. Anthropic onderscheidt die verbinding van Skills, die herbruikbare kennis of werkstromen aan Claude Code toevoegen (Anthropic over uitbreidingen voor Claude Code). De ene functie kan dus een externe bron ontsluiten; de andere kan herbruikbare werkwijzen aanreiken.

Wat de test over de wijziging vertelde

De auteur rapporteerde 41 geslaagde tests, waaronder negen nieuwe tests voor de filters. MongoDB-integratietests konden worden overgeslagen als de tijdelijke database niet op de CI-runner startte; het testtotaal betekende dus niet automatisch dat die integratietests waren uitgevoerd.

Voor een aparte controle van gegevensopslag maakte de auteur handmatig een ticket en een reactie aan, startte het platform opnieuw met dezelfde database en controleerde of beide waren bewaard. De API-documentatie van de app vermeldde routes voor een nep-testservice. De auteur controleerde niet of die routes overeenkwamen met de echte service.

De auteur omschreef de opstelling als een demo met een vooraf ingesteld account en een openbare signing secret. Onder meer gelijktijdigheidsbeheer, migraties, herstelprocedures en verplichte databasetests waren nog niet af. Die details geven de grenzen van deze specifieke demonstratie aan.

Gegevens over componentversies en afhankelijkheden beantwoorden bovendien een andere vraag dan projectgeheugen. The New Stack beschreef geheugen als een plek voor instructies, intenties en projectbeslissingen, zoals waarom een functie was geschrapt; zulke notities waren volgens het artikel niet aan een codeversie gekoppeld. NeoTeo schreef eerder over het geheugen van Claude Code tussen projecten.

Een MCP-configuratiescope kiezen

Anthropic beschrijft drie scopes voor MCP-configuratie. De lokale scope is bedoeld voor het huidige project op de computer van de ontwikkelaar; de projectscope deelt configuratie via .mcp.json in de hoofdmap van het project; de gebruikersscope geldt voor de projecten van één ontwikkelaar. Anthropic noemt lokaal de standaardinstelling (Anthropics MCP-snelstartgids).

ScopeWaar de configuratie geldtDelen met een team
localHet huidige project op de computer van de ontwikkelaarNee, deze instelling is lokaal
projectProjectconfiguratie in .mcp.json in de hoofdmapJa, voor teamleden
userDe projecten van één ontwikkelaarNee, deze instelling geldt voor die gebruiker

Wil je een verbinding eerst voor jezelf uitproberen, dan past local bij één project op je eigen machine. Moet het team dezelfde projectconfiguratie gebruiken, dan is project de daarvoor beschreven scope. User bewaart instellingen voor de projecten van één ontwikkelaar.

Wat MCP in de context laadt

Claude Code laadt volgens Anthropic de namen van MCP-tools bij de start van een sessie; de volledige schema’s worden pas geladen wanneer ze nodig zijn. Anthropic omschrijft de contextkosten van inactieve MCP-tools als laag (Anthropic over de werking van MCP). Dat zegt iets over het laden van de toolschema’s, niet over een algemene hoeveelheid context voor iedere aanroep of elk antwoord.