Systeemherstel kan op één Windows-installatie meer dan 45 GB innemen. In Windows 11 kun je de functie ingeschakeld laten en toch een bovengrens instellen via Systeemeigenschappen > Systeembeveiliging > Configureren. Daar pas je Maximaal gebruik aan en verwijder je desgewenst bestaande herstelpunten.
Systeemherstel zet vooral systeembestanden en instellingen terug na bijvoorbeeld een mislukte driverupdate, software-installatie of configuratiewijziging. Persoonlijke bestanden vallen buiten het bereik van klassieke herstelpunten.
Wat heb je nodig?
Je hebt een Windows 11-pc nodig waarop je toegang hebt tot Systeembeveiliging. Laat Systeembeveiliging inschakelen geselecteerd als je herstelpunten wilt blijven gebruiken. De exacte opslaglimiet is afhankelijk van jouw systeem en beschikbare schijfruimte.
Een concreet voorbeeld: op één systeem werd de limiet ingesteld op ongeveer 15 GB nadat Systeemherstel daar meer dan 45 GB had gebruikt. Dat is een gekozen instelling voor die configuratie. In sommige gevallen kan ongeveer 10 GB al te weinig zijn voor één herstelpunt.
Zo beperk je de opslag van Systeemherstel
- Open Windows Search en typ Systeemherstel.
- Kies Een herstelpunt maken. Hiermee open je het venster Systeemeigenschappen.
- Open het tabblad Systeembeveiliging.
- Selecteer de Windows-schijf, meestal C:.
- Klik op Configureren. Hier staan de instellingen voor Systeemherstel op die schijf.
- Controleer of Systeembeveiliging inschakelen actief is. Zo blijft de functie beschikbaar.
- Pas de schuifregelaar bij Maximaal gebruik aan. Dit begrenst de ruimte die herstelpunten mogen gebruiken.
- Klik op Toepassen en daarna op OK.
De limiet begrenst de opslag voor herstelpunten; ze schakelt Systeemherstel niet uit. Een lagere waarde maakt dus ruimte vrij, maar laat minder opslag over voor herstelpunten.
Wat gebeurt er als je oude herstelpunten verwijdert?
In het venster Systeembeveiliging configureren staat de knop Verwijderen. Die wist alle bestaande herstelpunten voor de geselecteerde schijf. De persoonlijke bestanden op die schijf vallen niet onder het bereik van klassieke Systeemherstelpunten.
Wil je na het opruimen opnieuw een terugvalpunt hebben? Ga dan terug naar het tabblad Systeembeveiliging, klik op Maken, geef het punt een beschrijving en bevestig de actie. Doe dit bijvoorbeeld voordat je een driver, programma of belangrijke systeeminstelling wijzigt.
Een herstelpunt gebruiken
Heb je na een recente wijziging problemen gekregen, dan kun je Systeemherstel vanuit een werkende Windows-sessie starten:
- Open Windows Search en typ Systeemherstel.
- Kies Een herstelpunt maken.
- Open het tabblad Systeembeveiliging en klik op Systeemherstel.
- Klik op Volgende en selecteer een herstelpunt.
- Schakel Meer herstelpunten weergeven in als het gewenste punt niet meteen zichtbaar is.
- Kies Zoeken naar programma’s die worden beïnvloed. Windows toont dan programma’s en drivers die kunnen worden verwijderd of gewijzigd.
- Klik op Volgende en daarna op Voltooien.
Windows start opnieuw op om het herstel toe te passen. Sla daarom eerst geopende bestanden op.
Windows 11 start niet meer op
Ook vanuit de Windows Herstelomgeving kun je Systeemherstel starten. Kies Problemen oplossen > Geavanceerde opties > Systeemherstel. Op een versleuteld apparaat kan Windows om de BitLocker-herstelcode vragen.
De tegel Systeemherstel staat in het scherm Geavanceerde opties, naast hulpmiddelen zoals Opstartherstel, Opdrachtprompt en Updates verwijderen. Kies een herstelpunt en doorloop daarna de wizard. De herstelomgeving is bedoeld voor situaties waarin Windows niet normaal naar het bureaublad start.
Klassiek Systeemherstel of point-in-time-herstel?
Point-in-time-herstel is een aparte hersteloptie voor Windows 11. De twee functies lijken op elkaar, maar behandelen verschillende soorten gegevens en gebruiken een ander opslagmodel.
| Eigenschap | Klassiek Systeemherstel | Point-in-time-herstel |
| Doel | Systeembestanden en instellingen terugzetten na een recente wijziging | Een bredere eerdere toestand van Windows terugzetten |
| Persoonlijke bestanden | Vallen buiten het bereik van klassieke herstelpunten | Lokale bestanden maken deel uit van de opgeslagen toestand |
| Aanmaakmoment | Handmatig of gekoppeld aan belangrijke systeemgebeurtenissen | Automatische geplande vastlegging, standaard ongeveer elke 24 uur |
| Opslaginstelling | Aanpasbaar via Systeembeveiliging > Configureren > Maximaal gebruik | Standaard maximaal 2% van de schijfruimte |
| Bewaartermijn | Geen vaste termijn; Windows ruimt punten op basis van beschikbare ruimte op | Maximaal 72 uur, met eerdere verwijdering mogelijk door opslagdruk of andere voorwaarden |
| Herstelomgeving | Vanuit Windows of de Windows Herstelomgeving | Lokaal gestart vanuit de Windows Herstelomgeving |
Bij klassiek Systeemherstel blijven persoonlijke bestanden buiten de rollback, maar recente programma’s, drivers, updates en instellingen kunnen wel worden teruggedraaid. Point-in-time-herstel heeft een bredere werking: wijzigingen aan lokale bestanden na het gekozen moment kunnen verloren gaan. Cloudgegevens worden daarbij niet beïnvloed.
Waarom Systeemherstel geen back-up is
Systeemherstel is vooral een vangnet voor recente systeemwijzigingen. Het is geen volledige kopie van je documenten, foto’s en projecten. Een onafhankelijke back-up blijft daarom nodig voor bestanden die je niet kwijt wilt raken. Denk aan een back-up naar externe opslag of een cloudlocatie; voor een volledige systeemkopie worden ook tools zoals Duplicati en Macrium Reflect genoemd.
Gebruik Systeemherstel dus waarvoor het bedoeld is: een snelle terugweg na een problematische driver, update of installatie. Voor persoonlijke bestanden heb je een aparte back-up nodig.