AWS maakte Lambda Web Functions op 12 oktober 2026 bekend en zei dat de dienst die dag beschikbaar kwam in vijf AWS-regio’s. Het nieuwe Lambda-formaat laat een gewone Node.js-webserver HTTP-verzoeken afhandelen via een poort, zonder de applicatielogica om te zetten naar Lambda-eventhandlers. AWS

Wat verandert er met Lambda Web Functions?

Een applicatie draait als een HTTP-server die luistert op de host en poort uit AWS_LAMBDA_HTTP_ENDPOINT. AWS noemt Express, Hono, Fastify en Next.js als voorbeelden van Node.js-frameworks. De launchruntime is Node.js 24 (nodejs24.x) op Arm64.

AWS noemt maximaal 128 gelijktijdige verzoeken per uitvoeringsomgeving. De dienst ondersteunt ook verbinding met een VPC, zodat een applicatie bronnen binnen dat privénetwerk kan benaderen.

Deployen en verkeer verdelen

In AWS’ walkthrough wordt een Express.js-applicatie met aws lambda-web deploy uitgerold. AWS zegt dat de eerste endpoint in die demonstratie in minder dan een minuut was aangemaakt.

Een ander AWS-voorbeeld zet een functie uit in us-east-1, eu-west-1 en ap-northeast-1. Eén globale URL verdeelt verzoeken daarbij op basis van latency, naar eigen zeggen zo goed mogelijk; de routering is dus geen garantie op de laagste vertraging voor elk verzoek. In een canaryvoorbeeld gaat 90% van het endpointverkeer naar een bestaande revisie en 10% naar een nieuwe. Zo kan een nieuwe versie een deel van het verkeer ontvangen terwijl de oudere revisie het grootste deel blijft afhandelen.

AWS beschrijft ook een combinatie met Amazon CloudFront: statische inhoud kan worden gecachet en dynamische verzoeken kunnen naar Web Functions worden doorgestuurd. Met CloudFront Origin Access Control (OAC) kan de endpoint zo worden ingesteld dat alleen de gekoppelde distributie hem mag aanroepen.

Hoe verschilt dit van andere Lambda-aanpakken?

AWS beschrijft Lambda Event Functions als eventgestuurde handlers voor onder meer gebeurtenissen, wachtrijverwerking en aanroepen door andere AWS-diensten. Zo’n handler verwerkt één verzoek tegelijk en wordt afgerekend op wandkloktijd. Web Functions is gericht op standaard HTTP-servers; AWS beschrijft de meting hier als actieve CPU-tijd, met geheugenmeting zolang de uitvoeringsomgeving bestaat.

Lambda MicroVMs zijn geïsoleerde, statusbewuste sandboxomgevingen waarvan de klant de levenscyclus beheert. AWS positioneert ze voor niet-vertrouwde of door gebruikers aangeleverde code. Het zijn dus verschillende uitvoermodellen voor verschillende soorten werk.

De projectdocumentatie van AWS Lambda Web Adapter beschrijft een extensie die het eventgestuurde Lambda-model verbindt met HTTP-applicaties en een bredere taalkeuze biedt. Web Functions is AWS’ eigen HTTP-native formaat, met Node.js 24 op Arm64 bij de introductie. Het verschil zit daarmee in de aanpak en de opgegeven taalondersteuning; die eigenschappen bepalen op zichzelf geen algemene winnaar.