Googles eerste Project Suncatcher-prototype werd volgens berichtgeving op 1 oktober 2026 vanaf Californië gelanceerd met een SpaceX-raket. De satelliet, gebouwd door Planet Labs op een standaard satellietplatform en uitgerust met één Google-TPU, moet testen hoe rekenhardware zich in een baan om de aarde houdt.
Wat Project Suncatcher wil testen
De prototypevlucht is bedoeld om te onderzoeken hoe de satelliet stroom levert aan de TPU en hoe de hardware omgaat met warmte en de omstandigheden in de ruimte. Het ontwerp voorziet in een continue stroomvoorziening van 1 kilowatt. Na ingebruikname zou de TPU in blokken van 15 minuten draaien, om de stroom- en thermische systemen te ontzien.
Warmte afvoeren is in een vacuüm een flinke technische uitdaging: luchtstroming kan daar geen warmte transporteren. Google beschrijft een aanpak met warmtepijpen en gepompte vloeistofcircuits die warmte naar radiatoren moeten voeren. Die radiatoren geven de warmte via straling af. Google testte thermische systemen ook in vacuümkamers op aarde.
Van prototype naar een mogelijk satellietnetwerk
Project Suncatcher is Googles onderzoeksprogramma voor een mogelijke toekomstige infrastructuur met satellieten op zonne-energie en AI-rekenhardware. Een illustratief ontwerp schetst een cluster van 81 satellieten op gemiddeld 650 kilometer hoogte, met een straal van 1 kilometer. Dat is een model voor een toekomstig systeem, geen beschrijving van de gelanceerde satelliet.
Voor verbindingen tussen satellieten onderzoekt Google optische links: communicatie via licht, waaronder laserverbindingen. In een laboratoriumproef met één zendontvangerpaar haalde een verbinding 800 Gbit/s per richting, oftewel 1,6 Tbit/s in beide richtingen samen. Google en Planet Labs plannen voor 2027 een demonstratie met twee satellieten om zulke verbindingen te testen.
De satelliet is een onderzoeksprototype, geen commerciële datacenterdienst. In onze eerdere vooruitblik op de geplande Project Suncatcher-test beschreven we de missie vóór de gemelde lancering.