Microsoft Threat Intelligence meldde op 5 november 2026 dat aanvallers met het AI-framework ARTEX sinds augustus openbare GitHub-repositories doorzochten op blootgelegde inloggegevens. Microsoft beschreef ook hoe geldige applicatiegegevens toegang gaven tot clouddiensten. In één waargenomen geval duurde het vijf minuten van het scannen van GitHub tot gegevensdiefstal uit Azure Key Vault. Microsofts rapport beschrijft een specifieke reeks aanvallen, geen algemene tijdsduur.
Van openbare code naar clouddiensten
Volgens Microsoft combineerden de zoekopdrachten namen van doelorganisaties met termen voor geheimen en aanbieders van cloud- en AI-diensten. ARTEX analyseerde de resultaten en zette vervolgstappen in gang. Een gevonden wachtwoord, API-sleutel of andere inloggegevens kunnen toegang geven zolang ze geldig zijn, ook als het bestand waarin ze stonden later wordt verwijderd.
De meldingen van aanmeldingen met zogenoemde service principals, identiteiten waarmee applicaties zich aanmelden, begonnen volgens Microsoft op zijn vroegst op 28 oktober 2026. Het ging om tientallen applicaties en meerdere tenants. Microsoft meldde toegang tot onder meer Key Vault, opslagaccounts, Azure AI, Azure DevOps, SharePoint en OneDrive. Bij SharePoint en OneDrive omvatte die toegang downloads van bestanden en toegang tot items in mailboxen.
Wie eerst meer achtergrond wil over de bredere risico’s van zelfstandig handelende systemen, kan ook NeoTeo’s eerdere uitleg over autonome AI-agenten lezen.
Drie afzonderlijke Azure-aanvragen
Microsoft beschreef drie reeksen waarin een mislukte aanvraag werd aangepast en opnieuw verstuurd. De intervallen horen bij verschillende aanvragen en zijn dus geen gezamenlijke wachttijd.
| Aanvraag | Geschatte tijd tot herhaling | Eerste aanvraag | Aangepaste herhaling |
| Metadata van Azure Key Vault | Ongeveer 28 seconden | HTTP 400 | HTTP 200; ARM API-versie 2023-07-01 |
| Firewallregel voor Azure SQL | Ongeveer 60 seconden | HTTP 400 | HTTP 200 |
| Query voor Application Insights | Ongeveer 80 seconden | HTTP 400 | HTTP 200 |
De Key Vault-aanvraag gebruikte eerst een API-versie voor het gegevensvlak, terwijl de aanvraag naar een ARM-eindpunt voor het besturingsvlak ging. Bij de geslaagde herhaling gebruikte de aanvraag de ARM API-versie 2023-07-01.
Wat Microsoft aan verdedigers adviseert
Verwijder een blootgelegd geheim niet alleen uit GitHub. Microsoft adviseert de bijbehorende inloggegevens direct in te trekken of te vervangen en het eerdere gebruik ervan te controleren. Teams kunnen ook nagaan of aanvallers extra toepassingsgegevens hebben toegevoegd en geheimen vervangen in Key Vaults waartoe de getroffen applicaties toegang hadden. Geef service principals alleen de rechten die ze nodig hebben.
Voor onderzoek noemt Microsoft aanmeldings- en auditgegevens van service principals, Azure Activity, Key Vault en opslag, Entra, Azure DevOps en Microsoft 365. Het adviseert ook op gedrag te letten: bijvoorbeeld wanneer één IP-adres zich met wisselend succes aanmeldt bij drie of meer service principals, of wanneer één applicatie in korte tijd tokens aanvraagt voor meerdere clouddiensten. Microsoft waarschuwt dat IP-adressen en user-agentgegevens kunnen veranderen.
Microsoft noemde 199.19.77[.]84 en 199.19.77[.]18 als voornaamste bronnen van aanmeldingen. Het tweede adres is een Tor-exitnode en kan ook bij andere activiteit horen. Voor een Conditional Access-blokkade van 199.19.77[.]84/32 is Workload ID Premium nodig; de instelling geldt voor single-tenant-apps die in de eigen tenant zijn geregistreerd. Microsoft adviseert het exacte IP-adres te blokkeren, niet het hele ASN. Eerder uitgegeven tokens blijven geldig tot ze verlopen, ook nadat de inloggegevens zijn verwijderd.
Staat een geheim openbaar, trek de bijbehorende inloggegevens dan in of vervang ze en controleer ook het eerdere gebruik.
Een andere route: geheimen in Claude Code-instellingen
SavvyNik besprak in een Engelstalige video van 7 november 2026 een afzonderlijke melding van Apiiro over Claude Code. Volgens die uitleg konden opdrachten met wachtwoorden of API-sleutels via de instelling “Don’t Ask Again” in lokale JSON-instellingen terechtkomen. Als zulke bestanden vervolgens openbaar op GitHub werden gezet, konden de geheimen daarin zichtbaar worden.
SavvyNik schreef aan Apiiro de vondst toe van meer dan 1.100 openbare kopieën met minstens één geheim en 2.539 echte geheimen in ongeveer 2.000 openbare GitHub-repositories.
Deze Claude Code-route begon bij geheimen in lokale instellingenbestanden die openbaar werden geplaatst. In Microsofts ARTEX-melding begon de beschreven keten met het zoeken naar inloggegevens die al in openbare repositories stonden.