De PNAS-studie die op 26 oktober 2026 online verscheen, analyseerde metingen van Perseverance aan fijn en ultrafijn stof op verschillende materiaalmonsters. De onderzoekers gebruikten röntgenfluorescentiegegevens van PIXL en modelberekeningen om de deeltjesgroottes per oppervlak te schatten. De metingen betroffen stof op rovermonsters, niet stof in ingeademde lucht of gezondheidseffecten bij astronauten.
Wat Perseverance aan Marsstof mat
PIXL is een instrument aan boord van Perseverance. De studie analyseerde gegevens over stof op kalibratiedoelen en monsters van materialen die voor ruimtepakken worden gebruikt. NASA/JPL meldde dat PIXL metingen had verzameld over meer dan 1.645 Marsdagen.
De studie deelt deeltjes van maximaal 2,5 micrometer (µm) in als fijn stof en deeltjes van maximaal 0,1 µm, oftewel 100 nanometer (nm), als ultrafijn stof. De gerapporteerde gemiddelde diameters verschillen per materiaal en instrumentdoel.
Gemodelleerde deeltjesdiameter per oppervlak
| Instrumentdoel | Getest oppervlak of materiaal | Gemodelleerde gemiddelde diameter |
| PIXL | PTFE-schijf | 1,4 ± 0,4 µm |
| SHERLOC | Vectran | 2,1 ± 1,4 µm |
| PIXL | Basaltglazen schijf | 140 ± 80 nm |
| SHERLOC | Teflonweefsel | 300 ± 200 nm |
De waarden zijn modelschattingen, geen tellingen van afzonderlijke deeltjes. De berekening gaat uit van één laag stofdeeltjes. Als de gemeten massa in werkelijkheid verdeeld is over meerdere lagen kleinere deeltjes, liggen de berekende diameters hoger. De auteurs beschrijven de schattingen daarom als conservatieve bovengrenzen.
De studie karakteriseert het stof als mafisch silicaat, verrijkt met ijzer en zwavel, en meldt ook fosforverrijking. Op de PTFE-schijf van PIXL vonden de onderzoekers aanwijzingen die passen bij calciumsulfaat. Ze schrijven de hechting toe aan onder meer elektrostatische effecten. Op het gestructureerde Vectran noemen ze ook mechanische verankering en Van der Waalskrachten als mogelijke factoren.
Stof bleef op de kalibratiedoelen zitten tijdens het rijden en boren door de rover. De stofbelasting op het PIXL-doel veranderde in de tijd en nam toe na een stofstorm.
De genoemde blootstellingslimiet is gebaseerd op maanstof
De studie vermeldt een NASA-grenswaarde voor toelaatbare blootstelling aan Marsstof van 0,1 mg/m³ als tijdgewogen gemiddelde, voor deeltjes kleiner dan 10 µm en blootstellingsscenario’s tot 30 dagen. De waarde is geëxtrapoleerd uit inhalatietests met maanstof. De studie onderzocht stof op materiaalmonsters, niet menselijke blootstelling of gezondheidsuitkomsten.
Wat de metingen kunnen betekenen voor toekomstige bemanningen
De auteurs noemen materiaalkeuze, stofverwijdering, habitatfiltratie, procedures bij het binnengaan van een habitat en blootstellingsnormen als onderwerpen waarop verder onderzoek kan voortbouwen. Ze pleiten ook voor toxicologisch onderzoek dat specifiek op Marsstof is gericht.