Een studie die op 13 september 2026 online verscheen, schat de cohesie van de bodem bij inslagkraters ten noordwesten van de Jezerokrater op 7 ± 1,5 kPa. Die waarde komt uit schokfysische simulaties die de waargenomen kratergroottes nabootsen en geldt voor het onderzochte inslaggebied.
De kraters ontstonden in 2021, toen hardware van de Mars 2020-missie met Perseverance tijdens de landing het oppervlak raakte. De lokale bodemcohesie is vergelijkbaar met die van regoliet: de losse laag van stof en verweerd gesteente aan een hemeloppervlak.
Wat de simulaties zeggen over de Marsbodem
De onderzoekers gebruikten de kratergroottes om de sterkte van het materiaal vlak onder het oppervlak te modelleren. De uitkomst, 7 ± 1,5 kPa, is een schatting van de cohesie van het plaatselijke doelmateriaal. Cohesie beschrijft hoe sterk de deeltjes in dat materiaal aan elkaar vastzitten.
Het resultaat heeft betrekking op de onderzochte inslaglocatie, ten noordwesten van Jezero. Daar ligt het terrein in een kronkelende vallei die uitkomt bij de Jezerodelta.
Hoe de inslagen werden onderzocht
Hoge-resolutiebeelden vanuit een baan om Mars en voorspellingen van de trajecten hielpen de onderzoekers twee kraters te identificeren die zijn veroorzaakt door wolfraam ballastmassa’s. Ook fragmenten van de cruisetrap sloegen in en vormden kraters.
Vervolgens gebruikten de onderzoekers schokfysische simulaties om de inslagen na te bootsen. Door de berekende kratergroottes af te stemmen op de waargenomen kraters konden ze de cohesie van het plaatselijke bodemmateriaal schatten.
De grens van π-schaalrelaties
In hetzelfde onderzoek bleken π-schaalrelaties de kraterdiameters met ongeveer een orde van grootte te overschatten. Dat gold voor inslagen onder een kleine hoek waarbij het projectiel veel dichter is dan het getroffen materiaal. De bevinding betreft dus specifiek deze combinatie van inslaghoek en dichtheidsverschil.
Mogelijke toepassing bij toekomstig onderzoek
De onderzoekers stellen voor om ballastmassa’s bij toekomstige missies bewust te laten inslaan en de kraters te gebruiken om ondiepe ondergrondse eigenschappen te onderzoeken. Die aanpak zou bruikbaar kunnen zijn op Mars en op andere hemellichamen.