Op 30 september 2026 erkende de rechtbank in Tokio dat een stem onder publiciteitsrechten kan vallen wanneer het gebruik uitsluitend is gericht op het uitbuiten van de commerciële aantrekkingskracht ervan. De rechtbank beval TikTok niet de video’s te verwijderen, omdat de anonieme account waarop ze stonden al was verwijderd.

Wanneer kan een stem onder publiciteitsrechten vallen?

Publiciteitsrechten houden verband met de commerciële waarde van iemands identiteit. In deze zaak erkende de rechtbank dat ook een stem daaronder kan vallen als die uitsluitend wordt gebruikt om haar commerciële aantrekkingskracht uit te buiten. Het oordeel ging over het gebruik van een stem in deze specifieke omstandigheden.

De zaak van Kenjiro Tsuda op TikTok

Stemacteur Kenjiro Tsuda vroeg om verwijdering van video’s op TikTok. Een anonieme account plaatste vertellingen over stadslegenden, het occulte en weetjes; Tsuda stelde dat de vertelling zijn stem nabootste met AI.

De video’s waren in juni 2026 al verdwenen doordat de account was verwijderd. Daarom beval de rechtbank TikTok niet om ze alsnog te verwijderen.

TikTok betwistte de identiteit van de stem

TikTok betwistte dat de vertelling specifiek de stem van Tsuda gebruikte en omschreef die als een standaard mannenstem. Tsuda stelde dat de video’s zijn stem nabootsten. De kwestie draaide dus om mogelijke bescherming van een stem én om een betwiste identificatie.