Een Blender-scène van hoge kwaliteit gebruikte in de RTX Spark-test van Adam Conway bij XDA 49,3 GB scèngeheugen. De render paste op een HP OmniBook Ultra 16 met RTX Spark, maar het resultaat toont geheugencapaciteit voor deze scène, geen hogere rendersnelheid dan een RTX 5090.

Conway gebruikte Blender 5.3 beta met Cycles en OptiX. De laptop had 128 GB gedeeld LPDDR5X-geheugen; voor de GPU was standaard 64 GB gereserveerd. De procedureel opgebouwde stad telde ongeveer 13.600 objecten, met onder meer 24 torenontwerpen, 60 voertuigen, 380 bomen en 18 camerastandpunten.

Hoe detailniveau geheugen en rendertijd veranderde

XDA rapporteerde drie detailniveaus. Naarmate de geometrie uitgebreider werd, steeg ook het geheugengebruik en duurde de render langer.

DetailniveauGeëvalueerde verticesPiekgeheugen van de scèneRender op 1080p
Niveau 46,65 miljoen6,7 GB10 tot 17 seconden bij 48 samples
Niveau 6106,3 miljoen38,4 GB6,5 minuten bij 16 samples
Niveau 6, met 11% van de gebouwen op niveau 7139,3 miljoen49,3 GBOngeveer 12 minuten bij 64 samples

De 49,3 GB is het piekgeheugen van de scène. Het totale gerapporteerde GPU-gebruik kwam uit op 50,6 GB, inclusief ongeveer 1,3 GB gebruik vóór de render. De scènefile zelf bleef kleiner dan 2 MB. Volgens Conway vroegen vooral de geëvalueerde geometrie en de opbouw van OptiX-versnellingsstructuren veel geheugen. Ook bij 16 samples duurde de render op het hoogste detailniveau meer dan 11 minuten; Conway leidde daaruit af dat de voorbereiding van de geometrie een groot deel van de tijd kostte.

Blender beveelt 32 GB systeemgeheugen aan voor Windows. NVIDIA Studio schaart een RTX 5060 Laptop GPU met 8 GB videogeheugen onder de opties voor middelgrote 3D-scènes. Dat zijn algemene richtlijnen; de scène in deze test gebruikte bijna 50 GB aan scèngeheugen.

Geheugencapaciteit is geen rendersnelheid

De desktop-RTX 5090 heeft 32 GB videogeheugen. De gemeten scène vroeg met 49,3 GB meer dan dat, maar Cycles kan voor sommige geheugentoewijzingen systeemgeheugen gebruiken. Niet alle gegevens kunnen daarheen worden verplaatst, en een render kan mislukken als de resterende toewijzingen niet in het GPU-geheugen passen.

De test van RTX Spark toont dus dat deze specifieke scène in de geheugenindeling van het geteste systeem paste. XDA noemt 300 GB/s geheugenbandbreedte voor RTX Spark en 1.792 GB/s voor de RTX 5090; volgens XDA is de 5090 sneller bij scènes die in haar videogeheugen passen. Een render van dezelfde stad op een RTX 5090 is niet gemeten.

Een aparte Blender-benchmark geeft extra context

DDay.it rapporteerde voor een andere RTX Spark-configuratie, in een Microsoft Surface Laptop Ultra, een score van 4.679 in Blender 5.3 met OptiX. Dat is ongeveer 17% hoger dan de genoemde mediaan van 4.005 voor de RTX 5070 Laptop en ongeveer 7% lager dan de mediaan van 5.007 voor de RTX 5070 Ti Laptop.

Die cijfers horen bij een afzonderlijke benchmark, niet bij de stadsscène van XDA. De vergelijkingsmedianen combineren Blender-versies, besturingssystemen en vermogenslimieten van laptops. Ze geven daarom context bij de benchmarkscore, maar vormen geen gecontroleerde vergelijking van dezelfde systemen en omstandigheden.

Een lokaal model hielp de scène voorbereiden

Qwen3.8 Flash Next maakte lokaal op de laptop de stad en de scripts voor de render. Van de eerste prompt tot de eerste volledige Cycles-render duurde het ongeveer 81 minuten, zonder tussenkomst van de auteur. Voor de uiteindelijke renders werd de inferentieserver uitgezet. De test beschrijft daarmee een opeenvolgende workflow: eerst de scène laten maken, daarna renderen.

NeoTeo schreef eerder over RTX Spark in verband met lokale AI en accuduur. Die eerdere praktijktest gaat over andere gebruiksscenario’s dan de Blender-scène van bijna 50 GB.