In een sessie die Adam Conway beschreef voor XDA draaide Qwen 3.8 Flash Next lokaal terwijl Minecraft gedurende een groot deel van de tijd rond 120 fps haalde. Conway publiceerde zijn verslag op 25 oktober 2026 en gebruikte een HP OmniBook Ultra 16 met Nvidia RTX Spark. De test liet een bot in een live Minecraft-wereld aansturen; Qwen maakte geen game vanuit het niets.
Qwen koos de acties, Mindcraft voerde ze uit
Qwen bepaalde welke acties de bot moest nemen en vertelde daarover in de gamechat. Mindcraft en de onderliggende Mineflayer-software voerden de bewegingen, het mijnen en het inventarisbeheer uit. De bot was verbonden met een Minecraft-wereld op het lokale netwerk.
Voor de inferentie, het verwerken van invoer en genereren van modeluitvoer, gebruikte Conway llama.cpp als lokale server. Die bood een OpenAI-compatibele API op poort 9931. Mindcrafts LM Studio-integratie maakte verbinding met die server. Minecraft draaide op Windows on Arm met Arm64-versies van Java en de grafische bibliotheken, zonder x86-emulatie via Microsoft PRISM.
XDA beschreef de RTX Spark-configuratie als een systeem met een Arm-processor met 20 cores, een Blackwell-gpu met 6.144 cores en 128 GB unified memory. Het geteste Qwen 3.8 Flash Next-model werd omschreven als een mixture-of-expertsmodel met 125 miljard parameters, waarvan ongeveer 6 miljard per token actief zijn. Een n-gram-inbedding van 51 miljard parameters werd vanaf opslag gestreamd.
De bot verzamelde hout, maar liep ook vast
De bot verzamelde berkenstammen en liet acht jonge boompjes vallen. Er waren ook inventarisfouten: soms bood de bot hout aan dat niet in zijn inventaris zat. Verder liep hij vast, verloor hij de verbinding en probeerde hij opnieuw.
Conway schreef de navigatieproblemen toe aan de padzoekfunctie van Mineflayer en het herstelgedrag van Mindcraft. Mindcrafts herstelroutine reageerde op 20 seconden zonder beweging met een poging om de bot vijf blokken te verplaatsen. Bleef die daarna nog 10 seconden vastzitten, dan beëindigde de routine de agent.
De 120 fps geldt voor één gemelde Minecraft-sessie
De ongeveer 120 fps hoort bij een groot deel van deze ene sessie, waarin de lokale modelserver tegelijk draaide. Conway waarschuwde dat een veeleisender game meer hinder kan ondervinden. De waarneming beschrijft dus deze Minecraft-sessie, niet de prestaties van andere games of configuraties.
De inferentiesnelheid is een andere maat dan de beeldsnelheid van de game. Voordat Minecraft startte, mat Conway ongeveer 46 tokens per seconde bij een korte context en net geen 42 tokens per seconde bij een context van 32.000 tokens. Dat zijn metingen van de modeluitvoer, geen fps-cijfers.
Een game aansturen is iets anders dan er een programmeren
In de live Minecraft-wereld koos Qwen acties voor een bestaande bot. Een afzonderlijke programmeeruitdaging vroeg Qwen 3.8 en andere modellen om een werkende Minecraft-achtige demo te maken in één zelfvoorzienend bestand met HTML5, CSS en JavaScript. Dat is code genereren, geen bot besturen in een draaiende Minecraft-wereld.
| Taak | Rol van Qwen | Beschreven uitvoering |
| Bot in een live Minecraft-wereld | Acties kiezen en toelichten | Mindcraft en Mineflayer verzorgden beweging, mijnen en inventarisbeheer. |
| Minecraft-achtige demo programmeren | Code genereren voor een werkende demo | Eén zelfvoorzienend bestand met HTML5, CSS en JavaScript. |