Anthropic rapporteerde voor de zes maanden tot en met 30 juni 2026 US$ 8,945 miljard aan compute- en infrastructuurkosten. De post ‘omzetkosten’ bedroeg US$ 2,380 miljard, maar is een andere financiële categorie: daarin zit grotendeels compute voor klantbediening, plus bepaalde personeelskosten en toegerekende overhead. De S-1, die Anthropic op 26 oktober 2026 indiende, beschrijft compute als één gedeelde pool voor verschillende werkzaamheden. De SEC-indiening
Wat Anthropic rapporteerde over compute-uitgaven
De halfjaarcijfers laten zien dat omzet, compute-uitgaven en omzetkosten tussen 2025 en 2026 alle drie toenamen. Ze meten verschillende zaken: omzet is wat Anthropic verdiende, compute- en infrastructuurkosten omvatten alle workloads, en omzetkosten zijn ingedeeld naar de functie die ze ondersteunen.
| Eerste halfjaar | Omzet | Compute- en infrastructuurkosten | Omzetkosten |
| 2025 | US$ 1,163 miljard | US$ 2,334 miljard | US$ 1,019 miljard |
| 2026 | US$ 16,286 miljard | US$ 8,945 miljard | US$ 2,380 miljard |
De bedragen voor 2025 en 2026 zijn gerapporteerd voor de zes maanden tot en met 30 juni van elk jaar. NeoTeo schreef eerder over de indiening zelf; hier draait het om de betekenis van de compute-cijfers.
Wat omzetkosten zeggen over klantbediening
Anthropic beheert compute als een gedeelde voorraad die het dynamisch inzet voor onderzoek, modelontwikkeling, dienstverlening aan klanten en intern gebruik van Claude. Daardoor valt de rekening niet uiteen in een rechtstreeks gerapporteerd bedrag per workload.
De S-1 zegt dat omzetkosten grotendeels bestaan uit compute- en infrastructuurkosten voor klantbediening. De post bevat ook bepaalde personeelskosten en overhead. Onderzoek en ontwikkeling (R&D) omvat op zijn beurt compute voor modelontwikkeling, onderzoek en intern gebruik, naast personeel, software en overhead. Anthropic rapporteerde US$ 9,741 miljard aan R&D-kosten in de eerste helft van 2026; dat bedrag is dus geen maatstaf voor alleen compute of training.
Tom’s Hardware schatte dat klantbediening hoogstens ongeveer 27% van de compute-uitgaven in die periode vertegenwoordigde. De publicatie raamde daarnaast op ten minste US$ 5,93 miljard de compute voor training, onderzoek en intern gebruik. Het zijn berekeningen op basis van de gerapporteerde kosten en een schatting van maximaal US$ 640 miljoen voor gratis Claude-gebruik, geen door Anthropic gerapporteerde workloadpercentages of kostenposten. De S-1 beschrijft de financiële categorieën en de gedeelde compute-pool.
Waarom schattingen van compute-overeenkomsten verschillen
Tomasz Tunguz telde zeven genoemde overeenkomsten op tot US$ 637 miljard. Tom’s Hardware kwam uit op circa US$ 782–807 miljard door daar een geschatte US$ 125–150 miljard aan extra TPU-capaciteit en een referentiebedrag van US$ 20 miljard voor AMD bij op te tellen. De bedragen hebben dus een verschillende reikwijdte.
De AMD-overeenkomst heeft geen vast dollarbedrag en kan boven US$ 20 miljard uitkomen als Anthropic de volledige aanvankelijke capaciteit afneemt. De optelling van Tom’s Hardware is daarmee een schatting, geen door Anthropic gerapporteerd totaal. Beide berekeningen combineren afspraken met uiteenlopende minima, plafonds en voorwaarden.
Die contractbedragen zijn ook niet hetzelfde als compute-uitgaven in de eerste helft van 2026. Anthropic zegt capaciteit doorgaans 12 tot 18 maanden van tevoren in te kopen en de kosten meestal te betalen wanneer compute beschikbaar komt. Het bedrijf verwacht bovendien dat een groeiend deel van de investeringen in infrastructuur eerder kapitaaluitgaven en leasebetalingen vereist. De S-1 beschrijft de uitgaven en afspraken.
Noemt de S-1 de vijf grootste klanten?
Nee. Anthropic meldt dat de vijf grootste klanten samen ongeveer 25% van de omzet vertegenwoordigden in de negen maanden tot en met 30 september 2026. Geen enkele klant was afzonderlijk goed voor meer dan 10%, maar de S-1 noemt de vijf klanten niet. Dat omzetconcentratiecijfer identificeert dus geen specifieke cloudprovider of andere klant.