Een coalitie van uitgevers die OpenAI en Microsoft aanklaagt, zou op 16 september 2026 boven de 550 aangesloten publicaties zijn uitgekomen. Naar verluidt sloten die dag 26 nieuwe uitgevers aan. De groei betekent dat meer eisers zich achter dezelfde juridische aanval scharen; ze vormt op zichzelf geen uitspraak over de aansprakelijkheid van OpenAI of Microsoft.

De claims richten zich op het vermeende gebruik van auteursrechtelijk beschermde journalistiek en boeken voor het trainen en ontwikkelen van AI-systemen. Ook wordt gesteld dat systemen berichtgeving kunnen reproduceren of hergebruiken en dat copyrightinformatie, auteursvermeldingen en gebruiksvoorwaarden zouden zijn verwijderd.

De coalitie groeit, maar vertegenwoordigt niet één enkel zaaknummer

Platkin LLP zou 60 uitgevers rechtstreeks vertegenwoordigen. De coalitie omvat onder meer Times Publishing Company, Austin Chronicle Corp., Alternative Newsweekly Foundation en SwimSwam Partners. De precieze processtructuur verschilt per zaak, maar de gezamenlijke inzet is helder: uitgevers willen betaald worden voor het gebruik van hun werk en betwisten de manier waarop AI-bedrijven dat gebruik juridisch rechtvaardigen.

De Amerikaanse auteursrechtzaken draaien om meerdere juridische grondslagen. Naast directe inbreuk gaat het om medeplichtige inbreuk, vermeende marktvervanging en bepalingen uit de Digital Millennium Copyright Act over copyrightmanagementinformatie.

Wat de meer dan 550 uitgevers en de 12 zaken van elkaar onderscheidt

De twee vaak genoemde aantallen beschrijven verschillende onderdelen van het juridische landschap:

KenmerkUitgeverscoalitieGeconsolideerde multidistrict litigation
Wat wordt geteldMeer dan 550 publicaties12 copyrightzaken
StructuurEen groeiende groep eisers in zaken tegen OpenAI en MicrosoftTwaalf zaken die in één procedureel verband zijn samengebracht
Moment26 nieuwe toetredingen gemeld op 16 september 2026Samenvoeging in april 2025
RechtbankAmerikaanse procedures rond de uitgeversclaimsSouthern District of New York

De 12 samengevoegde zaken bevatten claims van auteurs en nieuwsorganisaties. Rechter Sidney H. Stein en magistraat Ona T. Wang behandelen de multidistrict litigation in New York. De coalitie van meer dan 550 publicaties is dus geen alternatieve telling van die 12 zaken: het ene getal gaat over eisers, het andere over samengevoegde procedures.

De kernvraag: valt AI-training onder fair use?

Een interview over de invloed van auteursrecht op de ontwikkeling van generatieve AI.

Fair use is de Amerikaanse uitzondering die bepaald gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal kan toestaan. In deze procedures moet worden beoordeeld of het kopiëren van werken voor AI-training, en in sommige gevallen het produceren van uitvoer die beschermde uitdrukkingen reproduceert, onder die uitzondering valt.

OpenAI en Microsoft ontkennen de aantijgingen in de geconsolideerde klacht. Zij voeren aan dat training met publiek beschikbare gegevens onder fair use kan vallen en dat de systemen de werken omzetten in nieuw materiaal. De uitgevers stellen daar tegenover dat hun journalistiek zonder toestemming of betaling is gebruikt en dat AI-systemen kunnen concurreren met de bronnen waaruit ze leren.

Op 4 september 2026 werd gemeld dat beide partijen samenvattende moties over fair use hadden ingediend. De uitkomst van die procedurele stap bepaalt niet automatisch wie uiteindelijk gelijk krijgt over alle afzonderlijke claims.

Procedurele winst is nog geen vastgestelde inbreuk

In de zaak van auteurs onder leiding van Alter wees de rechtbank op 27 oktober 2025 het verzoek van OpenAI af om een claim over directe inbreuk via AI-uitvoer te laten vervallen. Die beslissing liet de claim doorgaan naar een volgende procesfase; ze besliste niet over fair use.

Op 15 december 2025 mochten bepaalde claims van Ziff Davis over copyrightmanagementinformatie en medeplichtige inbreuk eveneens doorgaan. Een afzonderlijke claim onder sectie 1202(a) werd volgens de processtand die datum afgewezen. Zulke beslissingen gaan over de juridische levensvatbaarheid van afzonderlijke claims, niet over een einduitspraak dat OpenAI of Microsoft auteursrecht heeft geschonden.

De strijd raakt daarmee niet alleen de vraag welke data in trainingssets terechtkomen. Ook de manier waarop AI-uitvoer omgaat met bronmateriaal, auteursnamen en copyrightvermeldingen ligt onder het vergrootglas. Voor uitgevers kan de uitkomst bepalen of licentieafspraken de normale route worden of dat bedrijven zich in belangrijke mate op fair use kunnen blijven beroepen.