NASA kondigde op 21 oktober 2026 Competition Model 2.0 (CM2.0) aan, een aangepast selectieproces voor verschillende wetenschappelijke missies. In de eerste voorstelronde moet de wetenschappelijke waarde centraal staan; de procedure verschilt per missieklasse. Voor Flagship-missies blijft de bestaande, eerder hervormde aanpak gelden. NASA maakte de plannen bekend in een brief aan de wetenschappelijke gemeenschap.
Wat NASA verandert aan de missieselectie
Met CM2.0 wil NASA de tijd en inspanning voor missiecompetities terugdringen. In vroege voorstellen komt de wetenschap voorop. Gedetailleerde technische plannen, kostenramingen en uitvoeringsplannen volgen pas wanneer die nodig zijn voor een besluit.
Welke procedure bij welke missieklasse hoort
NASA kondigde voor de verschillende missieklassen uiteenlopende selectieprocedures aan:
| Missieklasse | Aangekondigde selectieprocedure |
| Astro-Probes, New Frontiers en Discovery | Versnelde procedure in twee stappen, met een wetenschapsgerichte eerste stap en daarna een Mission Implementation Study |
| MIDEX en Earth Explorer | Procedure in twee stappen met een bredere groep mogelijke uitvoerende organisaties |
| SMEX, Missions of Opportunity, Earth Venture, Hosted Payloads en Ride Shares | Procedure in één stap, met kleinere beoordelingsteams en virtuele locatiebezoeken |
| Flagships | De bestaande, hervormde procedure blijft van kracht |
Bij MIDEX en Earth Explorer kunnen onder meer universiteiten en industriële partners als uitvoerende organisaties meedoen. NASA zegt dat hun prestaties op projecten van vergelijkbare complexiteit en kosten worden meegewogen.
Van de eerste stap naar de selectie in fase A
Voor Astro-Probes, New Frontiers en Discovery bestaat stap 1 uit een wetenschappelijke onderbouwing, een plan voor de uitvoering van het wetenschappelijke programma en een voorlopig missieontwerp als proof of concept. NASA zegt dat voor deze eerste ronde ongeveer de helft van het indieningsmateriaal vervalt dat bij een huidige Announcement of Opportunity (AO), een oproep om voorstellen in te dienen, nodig is.
Daarna volgt een Mission Implementation Study, een onderzoek naar de uitvoering van de missie. Die beoordeelt de wetenschappelijke kwaliteit, de uitvoering van het wetenschappelijke programma en de uitvoerbaarheid van de missie. NASA wil in fase A één missie selecteren. Het gekozen team werkt de missie verder uit en moet fase A afronden met een verder uitgewerkt uitvoeringsontwerp; de andere teams hoeven hun concept niet zelfstandig door de rest van fase A te dragen.
NASA verwacht daarnaast dat teams commerciële satellietplatforms, subsystemen en werkwijzen voor meerdere missies gebruiken wanneer die technisch of financieel voordeel bieden. Kosten- en planningsbeheersing blijft gelden. Overschrijdingen kunnen gevolgen hebben tot en met beëindiging van een missie.
De tijdwinst die NASA verwacht
Voor Astro-Probes, New Frontiers en Discovery verwacht NASA dat de periode tussen de AO en de selectie voor stap 2 daalt van 35 maanden naar ongeveer 19,5 maanden. Dat is volgens NASA een verkorting van maximaal 45%. Voor MIDEX en Earth Explorer verwacht NASA eveneens tot 45% kortere selectietijden.
Voor SMEX, Missions of Opportunity, Earth Venture, Hosted Payloads en Ride Shares mikt NASA op een daling van ongeveer 32 naar ongeveer 19 maanden tot de definitieve selectie, een verwachte verkorting van maximaal 40%. Dit zijn doelen voor de aangekondigde procedure, geen al behaalde selectietijden.