Mark Zuckerberg zou het voorstel voor het White House Accord on Super Intelligence hebben gedaan en het ontwerp hebben rondgestuurd voordat Donald Trump en zes technologiebedrijven het op 29 september 2026 ondertekenden. Die rol werd op 30 september gemeld; het Witte Huis plaatste de tekst diezelfde dag.
Zuckerberg zou het ontwerp hebben rondgestuurd
In de week vóór de ondertekening sprak Zuckerberg volgens de berichtgeving met Mike Johnson over AI-regulering. Daarna besprak hij uitgangspunten met Jensen Huang en verspreidde hij vóór de lunch in het Witte Huis een ontwerp. Een latere melding zei dat vijf mensen die bekend waren met de bijeenkomst het relaas bevestigden.
Zuckerberg beschreef het akkoord als een begin dat de hele sector zou kunnen omarmen. De toeschrijving van het ontwerp aan hem blijft een gemelde rol; het akkoord zelf noemt geen opsteller.
Wat het vrijwillige akkoord van bedrijven vraagt
Het White House Accord on Super Intelligence beschrijft vier toezichtslagen voor de deelnemende bedrijven:
- Interne bewaking van modellen tijdens training en inzet, onder meer gericht op cyberveiligheid en biologische en chemische dreigingen.
- Een intern team dat controleert of de beheersmaatregelen werken.
- Een onafhankelijke externe auditor of beoordelaar.
- Een onafhankelijke bestuurscommissie die rapportages ontvangt.
De ondertekenaars spraken ook af regelmatig bijeen te komen om gezamenlijke veiligheidsnormen en goede praktijken vast te stellen.
Wie tekende het akkoord — en wie niet
Donald Trump ondertekende het akkoord samen met vertegenwoordigers van zes technologiebedrijven: Meta, Nvidia, Anthropic, Google, OpenAI en xAI. De bedrijven werden vertegenwoordigd door respectievelijk Mark Zuckerberg, Jensen Huang, Dario Amodei, Sundar Pichai, Greg Brockman en Elon Musk.
Satya Nadella van Microsoft en Jeff Bezos van Amazon woonden de lunch in het Witte Huis bij. Microsoft en Amazon ondertekenden het akkoord niet.
Welke grenzen aan handhaving zijn gemeld
Het akkoord bevat volgens de berichtgeving geen sancties of tijdschema, verplicht bedrijven niet om auditresultaten openbaar te maken en heeft geen duidelijk handhavingsmechanisme. De afspraken zijn vrijwillig en leggen de ondertekenaars geen juridisch afdwingbare verplichting op.