Op 6 oktober 2026 liet de bestuurbare vleugelparachute van het Space Rider-testmodel los tijdens een valproef in Sardinië. De remparachute was al opengegaan en had het model afgeremd. Daarna stortte het model neer. Bij een ESA-briefing op 22 oktober was de oorzaak nog niet vastgesteld.
Wat er tijdens de valproef gebeurde
Een helikopter liet het model vanaf ongeveer 3 kilometer hoogte vallen boven een militair testterrein in Sardinië. Eerst ontplooide de remparachute, die het model vertraagde. Tijdens het ontplooien liet de parafoil los. Deze bestuurbare vleugelparachute moest Space Rider naar een gecontroleerde landing sturen.
Het neergestorte object was een model op ware grootte voor tests van de afdaling en landing, geen ruimtevaartuig dat klaar was voor een vlucht. De eerdere berichtgeving van NeoTeo over het verloren Space Rider-testmodel beschreef de crash; de briefing verduidelijkte hoe deze proef zich verhield tot eerdere tests.
De proef bracht eerder geteste onderdelen samen
Eerdere campagnes hadden afzonderlijke onderdelen beproefd, waaronder het ontplooien van de parafoil, autonome besturing en de overgang van remparachute naar parafoil. De valproef van 6 oktober moest de volledige afdaling en landing testen met een model dat de massa, vorm en traagheid van het ruimtevaartuig nabootste. Daarmee richtte de proef zich op de samenhang van de hele landingssequentie, niet op één afzonderlijk onderdeel.
ESA besprak het onderzoek en de planning
Op 22 oktober zei Géraldine Naja, directeur Ruimtetransport bij ESA, dat de resterende kwalificatiewerkzaamheden niet op het kritieke pad van de ontwikkeling lagen. European Spaceflight meldde dat ESA de planning na afronding van het onderzoek zou beoordelen. Volgens die berichtgeving was de eerste vlucht met een Vega C voor de eerste helft van 2028 beoogd.