In de beoordeling die NASA op 15 oktober 2026 publiceerde, concludeerde de organisatie dat het hitteschild van Orion tijdens Artemis II presteerde zoals de technische voorspellingen aangaven. NASA telde negen plekken met verlies van verkoold materiaal op het schild van Artemis II, tegenover 103 op dat van Artemis I. NASA’s beoordeling beschrijft die plekken als verschillend van grootte.

Wat NASA’s telling laat zien

De telling gaat over plekken waar verkoold materiaal losliet, niet over het totale oppervlak of de totale hoeveelheid materiaal die verloren ging. De vergelijking maakt ook duidelijk hoe het terugkeerprofiel per missie verschilde:

MissiePlekken met verlies van verkoold materiaalTerugkeerprofiel
Artemis I103Skip-entry: Orion ging tijdens de terugkeer eerst weer uit de atmosfeer en kwam er later opnieuw in.
Artemis II9, van uiteenlopende grootteGeen skip-entry; de toegestane afstand tussen het binnengaan van de atmosfeer en de landing was korter.

Het hitteschild van Artemis II bestond uit 186 blokken van Avcoat, een materiaal dat bij sterke verhitting verandert en verkoolt. NASA meldde ook dat de 1.300 keramische tegels op de achterzijde van Orion presteerden zoals verwacht. Tijdens de terugkeer bereikte Orion volgens NASA maximaal 39 keer de geluidssnelheid; de buitentemperatuur kwam boven 2.200 °C uit, terwijl het in de cabine ongeveer 24 °C bleef.

NeoTeo schreef eerder over de eerste openbare publicatie van Artemis II-maanwetenschapsgegevens.

Waarom de terugkeerroute veranderde

NASA: hitteschild van Artemis II presteerde volgens verwachting

NASA’s onderzoek naar Artemis I koppelde het verlies van verkoold materiaal aan gasdruk in Avcoat met een lage doorlaatbaarheid. Gas kon tijdens de skip-entry niet snel genoeg ontsnappen, waardoor de druk in het materiaal sterk opliep. NASA meldde dat grondtests het verschijnsel reproduceerden. Het technische NASA-abstract beschrijft die bevinding.

Voor Artemis II gebruikte NASA een aangepaste terugkeerroute zonder skip-entry. De maximaal toegestane afstand tussen het binnengaan van de atmosfeer en de landing werd verkort, zodat Orion minder lang in het temperatuurbereik bleef dat met het verschijnsel van Artemis I in verband werd gebracht. NASA schreef de tienvoudige afname van barstvorming en verlies van verkoold materiaal toe aan die routewijziging.

Welke analyses na de vlucht nog liepen

Artemis II keerde op 10 april 2026 terug. Toen NASA de beoordeling op 15 oktober publiceerde, werden laserscans van het schild nog vergeleken met metingen van vóór de vlucht om de materiaalafname vast te stellen. NASA meldde ook dat de monstername en verdere materiaal- en warmteanalyses doorgingen. In augustus was NASA Marshall Space Flight Center begonnen met monstername en interne röntgenscans.

NASA meldde dat het ontwerp van het hitteschild voor Artemis III aanpassingen bevat om de blokken van Avcoat gelijkmatiger te maken en de doorlaatbaarheid consistenter te verbeteren.